donderdag 5 maart 2015

Strijd

Soms valt het niet mee. Soms lijkt het alsof je een ongelijke strijd voert tegen allerlei angsten, onzekerheden en onbegrip. Hoe leg je uit hoe iets voor je voelt als je weet dat je de deksel op je neus krijgt? Hoe leg je uit dat je bepaalde keuzes niet zelf in de hand hebt maar dat het een kwestie van overmacht is? Het is zo moeilijk om de ander uit te leggen hoe het werkt. De angst, het verdriet, de pijn. Het zijn zwakke peilers van een breekbaar iets, een iets dat "ik" heet. Ze staan recht overeind en vormen grimmige schaduwen die keer op keer metgezel zijn, welk pad je ook bewandeld. Schaduwen die groter en sterker worden op de momenten dat je op je kwetsbaarst bent. Op de momenten dat je troost, veiligheid en geborgenheid nodig hebt maar er helemaal alleen voor lijkt te staan omdat niemand je lijkt te begrijpen. Bam, de deksel op je neus, de wijzende vinger, de bal die je 10x harder terug gespeeld lijkt te krijgen. Het zou grappig kunnen zijn als het verhaal een goed einde kende. Warmte kende en veiligheid.

Echter zonder veiligheid, geborgenheid en begrip is het maar een hard gelag. Vechten tegen iets wat je naar de keel grijpt. vechten tegen iets dat je verlamd, vechten tegen iets dat meedogenloos lijkt, onverbiddelijk. Iets wat als een koude door je lijf snijdt, wat verlamd en je doet beseffen dat je er op een bepaald moment altijd alleen voor staat.

Wars van tranen als bitter zout, het lost niets op. Snakkend naar die twee armen om je heen, wat liefde een knuffel. Zoveel mooie dromen maar hier in het hier en nu is vechten, steeds weer een ongelijke strijd. Zoveel emoties, zoveel gedachten, je wilt ze zo graag ordenen maar ze razen door je hoofd als het spitsuur van New York. Duizenden flitsen, ik knipper met mijn ogen. Schreeuw, scheld, huil en zwijg.Ik heb je verdomme zo hard nodig, waarom speel je het spel met jouw altijd wisselende regels? Je bent veranderlijk als het weer en ik doe mijn best om het bij te benen. Snap je dan niet dat ik jou rust en zorgzaamheid nodig heb?

Het is alsof een ijsregen in je gezicht valt, gure wind en je moet vooruit. Handen rood en schraal, hopende op een warme thuiskomst. Je moet vooruit, er is geen weg terug en toch is er zo een wars aan onbegrip, toch is er zo een wars aan oordelen en verwijten. Als het bloed opwelt, in rode druppels die stuk voor stuk een verhaal vertellen weet je dat een strijd pas stopt als je opgeeft.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Liefs uit

Lieve Karin, Wat ben je toch geweldig wijffie. Je bericht op Facebook, over de gescheurde cape, dat raakte me wel. Wat dapper om het onlin...